• Start
  • Preken
  • Dorpskerk - ds R.J. ten Have

21 februari

Schriftlezing: Johannes 11:45 – 12:11

Gemeente!

De tijd voor Pasen is vanouds de leerschool van het geloof, een periode van intensieve catechese waarin de catechumenen werden voorbereid op hun doop in de paaswake. Dit jaar volgt deze leerweg niet de gebruikelijke route, maar lezen wij met elkaar fragmenten uit het lijdensverhaal. In het huidige leesrooster wordt hier eigenlijk nooit meer over gepreekt. Wel wordt het in zijn geheel gelezen op de avond van Goede Vrijdag, maar dan meestal zonder nadere toelichting. Vandaar dat wij er dit jaar voor gekozen hebben om een aantal belangrijke passages uit het lijdensverhaal eens de revue te laten passeren.

In het evangelie van vandaag worden de reacties die het optreden van Jezus veroorzaakt, steeds duidelijker. Enerzijds is er het spoor van licht dat hij door de wereld trekt: als de goede herder zet hij gevallen mensen weer op hun voeten, geeft hij blinden het gezicht en roept hij Lazarus weer tot leven. En velen worden gegrepen door zijn woorden en daden, waarachter zij de aanwezigheid van de Eeuwige zélf vermoeden. Maar anderzijds tekenen zich boven dat spoor van licht steeds donkerder wolken af, want er zijn er ook die zich door wat Jezus bij de mensen oproept, nogal onrustig beginnen te voelen. Want het was een gevaarlijke tijd. Israël was bezet door de Romeinen, en die kon je maar het beste te vriend houden. Vandaar dat de leidinggevende geestelijke en wereldlijke machthebbers bovenal gebaat waren bij rust in de tent. Alles wat ook maar enigszins riekte naar opstandigheid jegens de bezetter, moest onmiddellijk de kop worden ingedrukt. Onder de leidslieden van het volk zat niemand te wachten op dat spoor van licht, dat Jezus door de wereld trok. Dat riep alleen maar sluimerende messiaanse – en dus nationalistische – gevoelens wakker bij de mensen, met alle mogelijke gevolgen van dien. En met het paasfeest voor de deur, nu van alle kanten de pelgrims richting Jeruzalem trokken, werd hun vrees voor een dreigende volksopstand alleen maar groter. Er moet iets gebeuren, menen degenen die op het pluche van de macht zijn gezeten. Want anders gaat het mis.

Dan wordt er vergaderd. Niet om te luisteren naar wat het volk wil, maar om de eigen positie veilig te stellen. Heel onthullend schrijft Johannes: ‘straks zullen de Romeinen komen om ons zowel onze positie als ons volk te ontnemen’. Eerst komt dus hun eigen positie, die zij met moeite, in handige samenspraak met de bezetter, hebben verworven. Het belang van het volk is volledig ondergeschikt aan hun eigen belang om de touwtjes zo lang mogelijk in handen te kunnen houden. En daar hebben ze alles voor over. De leidslieden, in vergadering bijeen, buigen zich over de situatie in Jeruzalem. Hoe kunnen wij de macht, onze macht dus, veilig stellen? De een na de ander neemt het woord, totdat een van hen met krachtig stemgeluid opmerkt: 'mannen, jullie zijn nu wel eindeloos bezig met het maken van een zorgvuldige afweging, maar het ontgaat jullie dat het in je eigen belang is…’ Zo spreekt Kajafas, op dat moment de hogepriester van het jaar. Opnieuw dat alles onthullende eigen belang. En daar bovenop: de verregaande collaboratie met de bezetter. Want de term ‘hogepriester van het jaar’ laat zien hoe zelfs de geestelijke leidslieden een marionet zijn geworden in handen van de Romeinen. Hogepriester was je immers voor je hele leven. Maar omdat de bezetter alleen een hem welgevallige persoon op deze plaats accepteerde, was zijn ambtsperiode bekort tot de termijn die de Romeinen raadzaam achtten. ‘Mannen’ (de vrouwen deden nog niet mee), ‘mannen, jullie beseffen niet dat het in je eigen belang is dat één mens sterft voor het volk en niet het hele volk verloren gaat’.

Voor Kajafas doet de ‘enkele mens’ er niet toe. Als het systeem erbij gebaat is, dan offer je toch gewoon het recht van de enkeling op. Van belang is alleen wat nuttig is voor de realisering van je eigen doelstellingen. Het onverbloemde politieke pragmatisme vertoont zich hier in volle naaktheid. Niet het recht, maar wat nuttig is, is goed. Als het systeem van de macht maar blijft functioneren. En zeg nou zelf: is dit nou zo heel veel anders dan hoe het er in Den Haag aan toe gaat, of in al die andere machtscentra van de wereld? Het is om cynisch van te worden. Niet het recht telt, maar wat de machthebbers goed uitkomt om te kunnen blijven zitten. Aan slachtoffers valt nu eenmaal niet te ontkomen, het lot van de enkele mens doet er niet toe. Het is voor Kajafas slechts een kwestie van kille berekening: beter één dan heel het volk. Zo spreekt de hogepriester, de marionet van de Romeinen. Maar voor de evangelieschrijver gebeurt er op dit moment nog iets heel anders: hij ziet deze man ook als marionet van God. Op het niveau van de geschiedenis als mensenwerk is Kajafas niets anders dan een hogepriester die heult met de vijand, een mens dus die zijn heilige dienst verzaakt. Maar gezien tegen de achtergrond van de heilsgeschiedenis, waarin het licht van de Eeuwige steeds weer de strijd aanbindt met de machten van het duister, is hij toch vooral: werktuig in Gods hand. Want zonder dat hij het zelf beseft, voltrekt hij hiermee het doodsvonnis over Jezus’ leven – met recht de ene mens die wordt geofferd om ons ten derden dage de ogen ervoor te openen dat uiteindelijk Gods liefde sterker is dan alle macht van mensen. Door de dood heen openbaart zich zijn duldende, aanvaardende en verzoenende liefde als de dragende grond van ons bestaan.

Maar voor Jezus zit er nu niets anders meer op dan te vluchten. Nergens is hij meer veilig. Nergens kan hij zich nog vrij bewegen. Met zijn leerlingen trekt hij zich terug aan de rand van de woestijn, in de stad Efraïm. Maar niet voor lang. Want al gauw blijkt dat hij van daaruit weer vertrokken is naar Betanië. Op de vlucht voor de haat van de leidslieden van het volk kiest hij ervoor zich nog eenmaal te laten koesteren in de liefde van Martha, Maria en Lazarus, drie van zijn trouwste vrienden. Ze hebben hem uitgenodigd bij hen te komen eten, als blijk van waardering voor alles wat hij voor ze is gaan betekenen. Een adempauze is het voor Jezus, waarbij hij weer wat moed en krachten mag verzamelen voor de moeilijke weg die voor hem ligt. Een teken dat niet iederéén hem laat vallen. Terwijl Martha druk bezig is om de tafel in gereedheid te brengen, komt Maria de kamer binnen met een kostbaar geschenk: een pond zuivere nardusbalsem. Ze breekt de hals van de fles, stort de olie over Jezus’ voeten en droogt deze vervolgens met haar haren af. Het is een teken van de liefde die opweegt tegen de dood. Je kunt moedeloos worden van al het schrijnende onrecht dat volstrekt onschuldige mensen steeds weer wordt aangedaan, je kunt zelf ook helemaal vergiftigd raken door al het negatieve dat je telkens om je heen ervaart, maar je kunt ook een gebaar daar tegenover stellen. Een mens hoeft zich niet neer te leggen bij alles wat donker is en koud. Je kunt een tegenwicht vormen tegen alle negativiteit. Dat is een menselijke mogelijkheid waar wij vaak onvoldoende gebruik van maken. Maar Maria, die Jezus zalft op het moment dat hij zich voorbereidt op zijn laatste eenzame gang, heeft dat begrepen. Alleen Judas, ook aanwezig bij dit ontroerende moment, reageert heel heftig en verstoord. In zijn ogen is wat Maria doet een zinloze geldverspilling. Méér dan driehonderd schellingen was die balsem waard. In die tijd was dat zo’n beetje het jaarsalaris van een gemiddelde arbeider. Een beetje voorstelbaar is die reactie van Judas dan ook wel. Moet dat nou zo nodig…? Maar Jezus neemt het voor haar op. ‘Laat haar begaan’, zegt hij. Hij vat haar daad op als een weldaad, als een uiting van liefde, aan hem bewezen. En deze weldaad prevaleert boven een aalmoes, die aan de armen wordt gegeven. Wat Maria deed, is geen verkwisting, geen zinloze geldverspilling – nee, zij heeft gedaan wat op dit moment het allerbelangrijkste was. Jezus maakt hier gebruik van een oude joodse onderscheiding, namelijk die tussen aalmoezen en liefdewerken. Een aalmoes was een geldelijke gave, aan een arme gegeven, zoals de wet van Mozes voorschreef om de behoeftigen bij te staan. Maar daarnaast kende men de liefdewerken, die veel meer omvatten: liefdewerken kun je doen aan armen én rijken, aan levenden maar ook aan doden. En deze liefdewerken bestonden niet alleen in geldelijke hulp, in financiële ondersteuning, maar vroegen vooral om een persoonlijke inzet. Het geven van jezelf. Jezus ziet in deze daad van Maria een liefdewerk, waar straks geen gelegenheid meer voor zal zijn. Het is een overwicht van de liefde op de alomtegenwoordige dood. En om die reden staat het liefdewerk boven de aalmoes. Het is geen overbodige luxe, maar het laatste dat aan Jezus bewezen kan worden. En daarom is die reactie van Judas veel te wettisch. Hij gaat volledig voorbij aan wat zich hier werkelijk afspeelt. De armen zullen er straks ook nog wel zijn, maar Jezus niet meer. Maria ziet dat. En ze handelt ernaar.

Wat hier gebeurt, is dus vóór alles een teken van geloof. Alle lijden en verdrukking die de schepping steeds opnieuw weer teisteren, zijn niet in staat om de kracht van de liefde uit te blussen. Nu de contouren van Jezus’ komende lijdensweg zich meer en meer beginnen af te tekenen, laat Maria zien dat het straks toch Pasen zal zijn. Dat het licht het zal winnen van het duister. Het is een onuitwisbaar teken, dat zijn geldigheid behoudt tot op de dag van vandaag. Ook al kun je de nood van de wereld en alle gigantische problemen waarvoor wij zijn gesteld niet in je ééntje verhelpen, je kunt er wél voor zorgen dat je zelf niet verbitterd raakt en cynisch om wat je allemaal om je heen tegenkomt. Maria heeft de moed om een gebaar te maken tegenover alle negativiteit die ons steeds weer in de wielen rijdt. Zij heeft begrepen waar het Jezus om te doen was. Waar de leidslieden van het volk zich steeds meer tegen Jezus samenspannen, beantwoordt zij met haar liefde het licht dat hij in haar leven heeft ontstoken. En dat licht is sterker dan alle duister. Tot op de dag van vandaag trekt het zijn spoor dwars door deze wereld heen.

Amen.

Meer artikelen...


Inloggen

Login met uw gebruikersnaam en wachtwoord.
Nog geen account? Klik op registreer.

Copyright © 2021 PKN Anloo - Zuidlaren